|
Spotnamen, spotverhalen, domme gezegden en geestigheden
hebben altijd bij de mensen in een hoge gunst gestaan. De mens heeft steeds heel
gaarne met zijn nabuur gespot! Zulks was reeds het geval in de oudheid. Tijdens
de middeleeuwen en later ging het er al even erg aan toe.
De naijver en afgunst
die onze gemeenten bezielden was misschien wel de hoofdoorzaak van de gegeven
spotnamen. Een tweede reden waaraan het ontstaan van spotnamen te wijten is, was
de afzondering van de verschillende plattelandsdorpen. Er was gebrek aan
gemeenschapswegen en er waren ook geen verkeersmiddelen. Onze voorouders bleven
steeds binnen de perken van hun eigen gemeente en ze kwamen zelden of nooit in
contact met de bewoners van andere dorpen, zodat ze mekaar voor vreemdelingen
aanzagen.
Dit alles gaf aanleiding tot wederzijds wantrouwen en onderlinge
vijandschap. Om met de bewoners van de nabij gelegen dorpen te schimpen, nam men
alles te baat. De kleinste gebeurtenis, het minste feit, werd verdraaid,
vergroot en rondgebazuind. Deze feiten lagen dan meestal aan de basis van de
spotnaam.
Onze voorouders waren beslist niet kieskeurig met het kiezen van hun
namen. Sommige schimpnamen waren wel wat plat en realistisch. Eens de spotnaam
in voege, werd deze dan overgeleverd van geslacht tot geslacht.
Bijnamen van personen
Miel van Kristus = Emiel Hermans herbergier
Maurice van Kristus = een gemeentelijk werkman in Humbeek
’t Boelteke van Kristus
Heinke Sjeit = Henri Leemans
den dikke van Polieres = Louis Van den Bossche, jachtwachter
Rik “Veuss”= een voerman
Jef van stukkes = Jef Anneessens
den duits van Plas = Jef Plas
den bal = Frans van den Broeck
Sus konijn = Sus van Herreweghen
Louis Porregoem = Louis Janssens
Geeraert Berthout, Heer van
Grimbergen = Draeckenbaert
Bijnamen of spotnamen van gemeenten
Humbeek "De Brassers"
Dat Brasser een cartonist was, is velen bekend. Dat hij in
het werkelijke leven Paul De Valck heette, van Humbeek was, daar lange tijd
woonde en zich steeds Humbekenaar is blijven voelen, is minder bekend. Dat hem
pas vijf jaar na zijn dood het ereburgerschap van de gemeente Grimbergen
toegekend werd, weten de meesten in Grimbergen wellicht helemaal niet. Wat
hemzelf betreft, is het ongetwijfeld een verdiende hulde; wat de gemeente
betreft, is het in elk geval wat laat.
Het is de verdienste van een groep Humbekenaars dat Paul
De Valck (1937-2001) op vrijdag 26 mei jl. het ereburgerschap toegekend kreeg.
Dat gebeurde op een plechtige zitting in het Parochiaal Ontmoetingscentrum van
Humbeek, en de oorkonde werd door burgemeester Eddy Willems uitgereikt aan Leona
Van Belle, de weduwe van Paul De Valck. Gelukkig was dat niet de eerste
onderscheiding die ‘Brasser’ te beurt viel: in een fraai uitgegeven
feestbrochure staat een lijst met niet minder dan een kleine dertig prijzen die
hij tussen 1969 en 1998 als cartoonist in de wacht sleepte. Dat had hij te
danken aan zijn rake, steeds goedmoedighumoristische en treffend getekende
cartoons.
Die publiceerde hij in een aantal dag- en weekbladen, waaronder Het Nieuwsblad,
De Standaard en ’t Pallieterke.
Voor de veelkleurige brochure tekende een stuurgroep ‘Brasser 2006’, bestaande
uit Julien De Doncker, Patrick De Groef, Willy De Valck en Paul Waeben. Zij
brachten een aantal foto’s samen, die een beeld geven van de vroege jaren van
Paul De Valck, overwegend uit school- en soldatentijd, en verder een behoorlijk
aantal afbeeldngen uit zijn werk, ook weer goed over de jaren gespreid en met
een verdiend accent op het leven van zijn Humbeekse dorpsgenoten, aan wie hij
trouwens niet voor niets zijn schuilnaam Brasser ontleende.
Grimbergen: "Kraaischutters"
De term "kraaienschutters" verwijst naar de inwoners van
Grimbergen en is een bijnaam die eeuwenlang standhield, ontstaan uit de
historiciteit van het gebied en het belang van de adelijke familie Berthout, aan
wie de oorsprong van het Grimbergse wapenschild met een kraaiensymbool is
verbonden. De kraaiensymboliek kwam voort uit de wapenvoering van de Berthouts,
een rood Sint-Andrieskruis als bestraffing, dat door hen werd omgebogen tot een
geuzentitel.
Volgens oude bronnen zou de 'Kraaishutter' verwijzen naar de menigvuldige
steenkraaien of kauwen die eertijds op en in de toren van de abdij te
vinden waren.
Strombeek - Bever "Motteklievers" & "Langzoppers
De Motte Klievers spotnaam aan de de Strombekenaars
gegeven (motteklievers = mannen die de doel van afgehakte bomen uitgraven om ze
tot brandhout te klieven)
Een andere spotnaam : de Langzoppers, omdat onze mensen geneigd zijn aan elk
woord een lettergreep bij te voegen.
|